Matthijs Mali

ux architect, activator, pragmatic.

I love well designed products

← back to writings

Paasweekend weg

in: Travel - 21 April 2010

Dag 1: Richting Mossel Bay

Met Pasen stond er weer een mooi weekend op ons te wachten, samen met Marien, Stefan en Gerjohn gingen we op weg richting Mossel bay. Rond 10 uur stond Gerjohn met de gehuurde auto bij ons voor de deur, snel even mijn spullen ingepakt, cd-tjes gepakt, alles in de auto gegooid en op weg. Via de N2, die aan de noordoost kant de stad verlaat, reden we richting Gansbaai. Toen we langzaam de heuvels opreden ontvouwde zich rechts van ons de Cape Flats, een groot vlak gebied tussen de Tafelberg en de Langebergen. We werden getrakteerd op een mooi uitzicht en konden met onze ogen minstens 40 kilometer overbruggen. Het landschap werd steeds heuvelachtiger en zo nu en dan reden we over een brug heen, waardoor onder ons de valleien zich lieten zien. Op een gegeven moment reden we over een brug heen en zagen we links van ons twee andere bruggen liggen. Op een van die bruggen, die er overigens vrij oud uit zag, stond een hutje en hing een touw naar beneden.. Bungeejumpen! Direct reed Gerjohn de auto op de volgende parkeerplaats, er zaten wat bewakers bij een ietwat verlaten hutje. ‘Closed sir!’, Hmm dat hebben wij weer. We mochten van de bewakers wel even a look nemen. De brug was schijnbaar afgesloten, er hing een groot waarschuwingsbord dat betreden wel eens de dood kon betekenen. Uiteindelijk maar even wat fototjes gekiekt en toen weer verder gereden. Onderweg richting onze eerste lodge zagen we zo nu en dan al een struisvogelfarm, maar volgens onze reisgids zouden dit er rond Oudtshoorn veel en veel meer moeten zijn. Struisvogelhoofdstad van de wereld, dat beloofd wat..

Na een kleine vijf uur rijden sinds vertrek kwamen we aan in Mossel Bay, we moesten even op zoek naar de exacte locatie van de lodge. Op gevoel en met behulp een aantal last-minute correcties aan het stuur van onze kleine rode Chevrolet, kwamen we aan bij de lodge. We besloten snel onze spullen uit te laden, om daarna nog even richting strand te rijden. Dit was tenslotte onze kans om in de Indische Oceaan te gaan zwemmen. Ik liet me nog even kennen, het water was wel heel koud namelijk. Uiteindelijk besloot ik Stefan, Gerjohn en Marien toch maar te volgen en nam ook nog even een snelle duik. Indische Oceaan; Check!

Op de terugweg zijn we langs de Spar gereden om boodschappen te doen voor de braai die avond. In de schappen lagen gelukkig weer lekkere grote steaks keurig op ons te wachten. Bij de lodge aangekomen dook ik de keuken in om de salade en marinade klaar te maken, ondertussen werd de grote braai aangestoken door Gerjohn en een local. We pakten wat koude Black Label biertjes uit de koelkast en ik dook nog even in mijn derde boek; The Science of Discworld I. Tijdens het eten kwam er een groep Engelse meiden bij ons zitten, een groep Peruanen bleef binnen aan de bar hangen en met een Amerikaan en een Duitse meid die in Port Elizabeth studeerden hebben we de rest van de avond wat gedronken.

 

Dag 2: Richting Buffels Bay

Nadat ik lekker was wakker geworden en even had gedouched, zaten we in de tuin te bekijken wat we onderweg naar Buffels Bay eens konden gaan doen. Marien wou heel graag Shark Cage Diven, maar dat duurde van 12 tot 5. De rest zou dan de hele dag niet veel anders kunnen doen, tenzij we mee zouden gaan. Uiteindelijk besloten we om onderweg maar te gaan doen wat we konden doen.

Eerst maar eens richting de Postboom, een boom waar volgens de overlevering in Mei 1501 een bericht werd achtergelaten. In Juni 1501 werd dit bericht gevonden, een brief in een schoen gestoken. De boom staat er dus al minstens 509 jaar, leuk om gezien te hebben. We zijn de auto weer ingestapt en reden verder richting Victoria’s Bay, een fantastische smalle baai met hoge golven, warm water en een groot strand. Op deze waanzinnige locatie hebben we ontbijt gegeten, bolletjes met cheddar kaas. Lekker.

Na een uurtje rijden stonden we voor de keuze om een zogenaamde Map of Africa te gaan bekijken. Wat het exact was konden we in geen boek of folder vinden, toch nam Gerjohn met goede hoop de afslag maar. Een mooi weggetje dat we deed denken aan de smalle weggetjes rondom het Garda meer in Italië volgde. Uiteindelijk stond daar bovenaan de heuvel een Parking marshall, hij stuurde ons richting parkeerplaats vanwaar we uitkeken over een fantastisch stuk bos met een daardoorheen zigzaggende rivier. Wat nou precies de kaart van Afrika was begrepen we niet helemaal, maar toen ik goed keek zag ik dat het stuk bos wat omgeven was door de rivier best wat weg had van het Afrikaanse continent. Zou dit het dan zijn? Mijn gevoel zei ja. De vriendelijke parkeerwachter wees ons nog even de andere kant op, aha! We liepen een klein stukje verder door en kregen een verbluffend uitzicht over de diverse baaien richting Knysna. De weg kronkelde voor ons uit en we zagen de golven kilometers verderop nog op het strand slaan. Waanzinnig mooi!

We besloten om nog wat actiefs te gaan ondernemen, en toen we Knysna inreden bezochten we de plaatselijke Tourist Information (ja die hebben ze hier ook). Met een flinke stapel folders en een lokale kaart liepen we weer richting de auto, we gaan quad rijden!

Een verlaten asfaltweg bracht ons naar een soort ranch, daar woonde een familie die daar hun zaakjes runde. Na wat geklooi met het helmen passen – mijn grote hoofd werktte niet helemaal mee – konden we los. We kregen een quad toegewezen en konden een klein proefrondje rijden in de Practice yard. Al gauw nam de man die ons begeleide – een soort Australische blanke boer, bierbuik, cowboy hoed op en een ietwat afwijzende snauwende houding – ons de openbare weg op. Na 50 meter vol gas sloegen we linksaf en konden we ons helemaal laten gaan door de bossen en struikjes. Het verbaasde mij dat er gas gegeven moest worden met de duim, maar alles went. Na een kleine drie kwartier, die voorbij vlogen, kwamen we weer aan op de boerderij. Stapent we van de quads af en voor we het wisten zaten we weer ingegordeld en reed Gerjohn ons verder naar Buffels Bay.

Het begon wat te miezeren toen we aankwamen bij de lodge, waar we ons gauw op ons gemak voelden. Ik nam plaats in een prima leeszetel en las verder in The Science of Discworld. ’s Avonds heeft Gerjohn de braai voor de verandering maar weer aangeslingerd. Prima gegeten en uiteindelijk de rest van de avond nog leuk gepraat en geouwehoerd met allerlei volk wat de lodge was binnengekomen.

Dag 3: Richting Oudtshoorn

De weg richting Oudtshoorn was kort, het was een korte rit door de binnenlanden van Zuid Afrika. Via George kwamen we aan in Oudtshoorn, in de vorige lodge kregen we te horen dat we mazzel hadden om dit weekend in de stad te komen. Er was een festival aan de gang waarvan ik de naam inmiddels ben vergeten, maar het was voor dat gebied groots. Het duurde ruim een week en door het gehele centrum stonden tenten opgesteld. Maar eerst hebben we de spullen in de lodge gedumpt om richting het Buffelsdrift Game Reserve te gaan. Een privé wild park. We parkeerden de auto en kochten aan de balie onze entree tickets. Na een uurtje wachten konden we eindelijk mee in de jeep, de ranger die ons rond zou gaan rijden vroeg wat we precies wouden zien. “Rhino’s!”, riep Stefan vanachteruit de jeep. Dat hebben we geweten, een flinke stuiterweg bracht ons naar het randje van het park. Achter het hekwerk begon na ca. 50 meter de openbare weg alweer, niet echt wat ik me bij een wildpark had voorgesteld.. Maar wel even twee ‘wilde’ neushoorns gezien.

De jeep reed verder langs een poeltje waar nijlpaarden aan het badderen waren, vanuit het water keken ze ons glazig aan en zo nu en dan klapperden ze met hun oren. Nadat we een klein bosje waren gepasseerd zagen we twee rangers die bezig waren de olifanten te voeren. Het waren jonge olifanten, schijnbaar niet helemaal zindelijk. We reden verder en reden steeds meer heuvelop, onderweg zagen we Springboks, Wildebeasts, Pyjama Donkeys (zebra’s dus) en twee ijsvogels. Erg gaaf. Bovenop de heuvel aangekomen hadden we een fantastisch uitzicht over de vallei, erg Afrikaans en supermooi om zo ver te kunnen kijken.

Na een kleine twee uur in de jeep zitten en om ons heen kijken op zoek naar giraffes is het wel weer mooi geweest, het is slecht weer dus het meeste wild laat zich niet zo zien. Ze vinden het te koud, dus blijven ze lekker warm tussen de bossen hangen.

Teruggekomen bij de lodge besluiten we ons snel om te kleden om richting het centrum te gaan, daar een lekker hapje te eten en vervolgens het festival gaan bekijken. Na even zoeken vinden we een restaurant en niet veel later staan we op het festival terrein naar lokale bandjes te luisteren. Het hele festival doet heel boers aan. Het deed me denken aan filmpjes die ik heb gezien van de Zwarte Cross, of een ander boeren feest. Erg veel gezelligheid, er werd nog net niet met bier gesmeten. Door Marien werd ik gewezen op een tekst die aan de binnenkant van een van de toiletdeuren stond geschreven; Jij moe nie zo glimlach nie, jou dogter ligt bij mij in de tent. De toon voor het feest was dus gezet. Uiteindelijk zijn we er tussenuit geknepen om onze lekkere lodge bedjes op te gaan zoeken.

Dag 4: Terug naar Kaapstad

Maandag, de laatste dag van ons lange paasweekend. We hebben weer veel gezien en gedaan. We besluiten nog naar de Cango Caves te gaan, de grootste ontdekte grot in Zuid Afrika. De flyer beloofd veel moois, maar aangekomen bij de grotten blijkt dat de eerstvolgende tour al is uitverkocht. Hard balen, aangezien we er wel zin in hadden. Maar er bood zich snel een alternatief aan, we besloten een alternatieve route terug te nemen. Via zandweggetjes probeerden we vanaf Oudtshoorn, via de Groenfontein Vallei op de N1 terecht te komen. Een mooie rit bracht ons langs afgelegen boerderijen en door een van de mooiste bergroutes van Zuid Afrika (volgens eigen interpretatie én het Zuid Afrika boek). Zo nu en dan was het gissen waar we nou precies terecht zouden komen, maar ach.. Een weg komt altijd wel ergens uit, we hadden benzine genoeg en omkeren kan altijd. Veel stofhappen en een kleine 3 uur later kwamen we uit op de N1. De verdere rit richting Kaapstad ging door Little Karoo, een verlaten en extreem droog gebied. We reden parrallel aan een spoorlijn – die ons ook naar Johannesburg zal gaan brengen – met om de paar kilometer een station, omringd door maximaal 4 huizen. Erg apart en heel erg Lucky Luke!

Eenmaal weer thuis aangekomen konden we terugkijken op een bijzonder geslaagd weekend met avontuurlijke, gezellige en verassende elementen. Geslaagd en spoedig weer!

- matthijsmali.nl